Wekelijks worden honderden miljoenen fok- en mestdieren vervoerd naar de slachthuizen. Soms zijn ze dagen-, weken- of maandenlang onderweg in benarde omstandigheden.
Tijdens hun vervoer over de gehele wereld staan de dieren bloot aan stress, uitputting en extreem hoge temperaturen, worden ze ruw behandeld, lijden ze honger en dorst, en verkeren ze in onhygiënische omstandigheden. Daardoor worden de dieren op een afschuwelijke manier verwond, breken er ziektes uit en sterven velen van hen voordat ze hun bestemming hebben bereikt.
Tegenwoordig beschikken we over de technologie voor het transport van vers gekoeld of ingevroren vlees, en de wetenschappelijke kennis om in termen van dierenwelzijn de voordelen van een plaatselijke en humane slacht te benutten. Daarom is het transport van dieren over lange afstanden niet alleen wreed, het is onnodig.